website

Magisch realist Raoul Hynckes

Raoul Hynckes (Brussel, 11 mei 1893 - Blaricum, 19 januari 1973) was een Nederlandse kunstschilder en (autobiografische) schrijver van Belgische afkomst. Tijdens zijn studie en in de daaropvolgende jaren werkte Hynckes bij voorkeur buiten in de natuur. Hij schilderde de bossen rondom Brussel en de landschappen van Vlaanderen. Geboeid door water, lucht en schepen, koos hij daarna haven- en riviergezichten als onderwerp. Deze werken zijn veelal uitgevoerd in een impressionistische stijl met een vlotte, brede penseelstreek die door de hoge contrasten van de felle, directe kleuren zelfs expressionistisch aan. Met de impressionistische landschappen en havengezichten, had Hynckes al voor zijn twintigste een solotentoonstelling in Brussel.

Schepen op de Ijzer - 1911 - Centraal Museum
Schepen op de Ijzer - 1911 - Centraal Museum Utrecht

 

De Eerste Wereldoorlog onderbrak zijn snelle artistieke carrière en hij vluchtte tijdens het oprukken van het Duitse leger naar Nederland, waar hij altijd zou blijven wonen. Korte tijd woonde hij in Den Haag, vanaf 1916 in Amsterdam, en in beide steden werden al onmiddellijk doeken van hem geëxposeerd. Ook in onze hoofdstad waren stadstaferelen en havengezichten van Zuiderzeestadjes zijn onderwerpen. Aangezien Hynckes met schilderen alleen niet in zijn onderhoud kon voorzien, werkte hij ook als boekband- , decor- en afficheontwerper.  Als soldaat was Hynckes getuige geweest van gruwelijkheden waardoor hij zich van buiten naar binnen keerde. Letterlijk bijna. Hynckes schilderde niet meer in de open lucht, maar zocht in zijn atelier stroef en traag naar een nieuwe, eigen stijl. Die identiteitscrisis zorgde er zelfs voor dat in 1924 dat hij zijn oude, impressionistische schilderijen vernietigde.

Geen fotobeschrijving beschikbaar.
Stilleven met vissen - 1924 -Museum Voorlinden
Zelfportret - ca 1929 - Museum More
Zelfportret - ca 1929 - Museum More

Onder invloed van het werk van Braque, Gris en Picasso raakte Hynckes gefascineerd door de problemen van vorm en compositie, en voortaan schilderde hij in een kubistisch aandoende stijl geschilderd vanuit een hoog gezichtspunt. De afgebeelde voorwerpen - waaronder vaak een snaarinstrument: een kubistisch motief bij uitstek - werden geabstraheerd, ontdaan van ieder detail, van iedere persoonlijke, subjectieve toevoeging. De kleuren waren van ondergeschikt belang, en gedempte tinten als bruin, grijs en vaal wit voeren de boventoon voeren.

In de donkere jaren dertig begon hij allegorische lugubere stillevens op zeer realistische wijze en in een uiterst fijne en minutieuze schilderstijl te schilderen (verdorde bomen, oude spijkers, kadavers, schedels) en wordt daarom gerekend tot de magisch realisten. De duistere achtergrond van deze theatrale stillevens zorgden vaak voor een extra sinistere sfeer. Hynckes werd verdacht van een fikse dosis doodsobsessie door de overvloedige symboliek van de vergankelijkheid in zijn werk.

Huynckes - 1942 - Sleutels van de anachoreet - Centraal Museum
Huynckes - 1942 - Sleutels van de anachoreet - Centraal Museum
Het Satijnen Lint - 1944 - Museum More
Het Satijnen Lint - 1944 - Museum More

Na de Tweede Wereldoorlog trok Hynckes, samen met Carel Willink, openlijk van leer tegen de nieuwe kunstorde die vol was vol van CoBrA en van abstracte kunst met felle polemieken. Vanaf de jaren ’60 groeide de waardering weer voor zijn werk en de perfectionisten van het neorealisme. In zijn Gooise villa leefde hij tot aan zijn dood een sober bestaan, de enige luxe die Hynckes zichzelf toestond waren pijproken en pralines. Hij schilderde – naast stillevens – ook weer regelmatig landschappen en dorpsgezichten. Hij ging weer naar buiten. De sombere geladenheid uit Hynckes' schilderijen verdween een beetje door de alledaagse voorwerpen, zonder symbolische betekenis zoals fruit, boeken, brieven, resten van beeldhouwwerken, dozen, katrollen, houtblokken, en ‘zijn’ pijp. Ook de achtergrond van zijn schilderijen waren niet langer egaal donker, de compositie ruimer en het kleurgebruik helderder en sterk vereenvoudigd en weer met een hoog gezichtspunt uit zijn kubistische periode. De latere schilderijen worden wel beschouwd als meer zielloos en zelfs ongeïnspireerd-maniëristisch. Ook maakt hij op het laatst weer werken in de buitenlucht, zoals rondom Kanne bij Maastricht. Hier ontstonden de schilderijen met daarop witgepleisterde huizen langs verlaten straatjes, zinderend in de hete middagzon, in een opvallend contrast met het eerdere magisch realistische werk. Zelf zei Hynckes hierover: 'Waarom zou ik geen lichte liedjes mogen zingen, nadat ik eerst jarenlang uit mijn orgel slechts strenge en sombere accoorden heb gehaald?'

1960 - Straat in België - Veilinghuis AAG
Straat in België - 1960